Gods Hand in mijn leven
| Auteur | : | Yvon | | Geplaatst op | : | 28-09-2006 | | Gelezen | : | 4768 keer |
Ik wil hier getuigen van Gods werk die Hij in mij zichtbaar maakt. Thuis heb ik een boekenlegger met de tekst: God geve mij gemoedsrust om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen, moed om te veranderen wat ik kan veranderen en wijsheid om het verschil te weten. Deze woorden zijn geen 'loze woorden' meer, ze leven nu! [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] Pagina 1 / 5 Gods Hand in mijn levenDe afgelopen jaren
Als kind was ik altijd al een drukte maker.
Ik groeide op in een Christelijk gezin en ik heb een fijne jeugd gehad. Ik leerde God kennen door mijn ouders, door school en door de kerk. Op school hoorde ik nooit echt bij de groep. Ik trok veel op met mensen die ‘er niet bij hoorden’. Ik probeerde er te zijn voor hen, en liefde te geven aan hen die het zo nodig hadden voor mijn gevoel. Toch voelde ik mij daarin eenzaam.
Ik wilde zelf ook geliefd zijn, gewoon een arm om me heen of iemand die van me hield zoals ik was. Mensen om me heen kregen vriendjes maar ik had daar nog geen belang bij. De liefde die ik verlangde, kreeg ik uiteindelijk, door iemand een leugen te vertellen waardoor ik een arm om me heen kreeg. In de jaren die daarop volgden breidde het zich uit. Steeds meer mensen ‘hielden van mij’. Later begreep ik dat het niet uit liefde was maar uit medelijden.
Mijn MBO opleiding volgde ik op een niet-christelijke school. Het verbaasde mij hoe open ik daar over mijn geloof kon praten, zonder als heilig boontje uitgemaakt te worden. Mensen waren geïnteresseerd, dat was ik totaal niet gewend.
Mijn worsteling in mijn ‘anders zijn’
Rond mijn 16e jaar besefte ik dat mijn voorkeur uit ging naar vrouwen. Ik schaamde mij daarvoor, en had het voorzichtig thuis wel eens laten vallen. Maar dat was volgens mijn ouders ´normaal´ op die leeftijd en zou zeker wel weer overgaan. Daar legde ik mij bij neer maar diep van binnen groeide het. Na mijn derde schooljaar van het MBO ging ik stage lopen. Ik werd daar smoorverliefd op een meid. Ondanks dat fijne gevoel, was er aan de andere kant het misselijk makende gevoel dat ik niet zo kon zijn. De Bijbel sprak dit immers tegen. Ik zocht God wel, maar had enorme strijd met mezelf tegenover God.
Er gebeurden die tijd ook veel dingen tegelijk. Mijn geloofsleven nam een belangrijke plaats in, maar ik kon veel dingen niet meer rijmen. Ik bad God dat Hij het zou veranderen, maar er gebeurde niets. Ik zocht naar de antwoorden die ik zo graag wilde horen, maar ik las ze niet in de Bijbel. Hoe kon ik nu als kind van God leven als ik zulke gevoelens had? Was ik zo gemaakt? Wat moest ik nu?
Langzaam werd ik meegenomen met het levensmotto van anderen: “Wees lekker jezelf, zo ben je gemaakt, geniet van het leven”. Op zich beviel me dat wel, maar het was enorm dubbel. Ik begon te roken, want ik was liever lichamelijk misselijk dan geestelijk. Na ongeveer twee jaar begon ik mijn rust terug te vinden. Ik vond niet de antwoorden die ik zocht, maar wel de rust dat ik het bij God mocht leggen. Ik en mijn omgeving begonnen te accepteren dat ik ´zo was’. Ik schaamde me er ook niet meer voor, dit ben ik, Yvon.
Ik kwam in contact met twee christelijke meiden die een relatie zonder praxis hadden. En dát leek mij ook de ideale tussenweg.. Toch had ik ook daar mijn vragen bij, hoe zou ik dat ooit kunnen als ik weer verliefd werd?
ACI als medeverantwoordelijke in mijn geloofsgroei
Ongeveer een jaar later kwam ik terecht op ACI. Ik had in die tijd een weblog over het geloof en daar werd ik door Rosemarie geattendeerd op de site van ACI, welke mij vast en zeker aan zou spreken.
Ik kwam daar terecht en las al snel een verslag over homoseksualiteit. Inmiddels had ik me net redelijk neergelegd bij het feit dat ik zo was. Zo had God mij geschapen, en waarom zou ik niet mogen zijn zoals ik ben, gewoon monogaam, daarin deed ik toch niemand pijn? Dit verslag liet mij iets anders lezen. Er werd in beschreven dat dit niet in overeenstemming was met Gods woord, en werd aan de hand van de Bijbel toegelicht.
Ik had daarom een reactie achter gelaten omdat het pijnlijk was te lezen en het balletje begon te rollen. Ik las meer en raakte met andere mensen in contact. Ik kon er een stuk van mijn geloof delen. Als snel raakte ik bevriend met Eduard, die de site beheert. Ik zag hem in de tijd sterker worden in het geloof, en ik zie nog steeds de vruchten groeien waaraan dit geloof te herkennen is. Daaruit weet ik dat het een man naar Gods hart is, en dank ik God dat ik hem mag kennen, waardoor ik meer leer van de Bijbel en van God. Niet zozeer in kennis, maar in een levende relatie met Onze Vader God.
Op een dag vroeg een lid van ACI mij of ik als kind was gedoopt. Ik vertelde haar dat dit inderdaad het geval was. Toen ze me vroeg waarom, legde ik het uit aan de hand van de formulieren van de gereformeerde leer. In discussie met haar raakte ik in verwarring omdat ik verschillende dingen niet terug kon vinden in de Bijbel, die wel in het doopformulier stonden. Maar ik liet het er bij, de theologen die deze formulieren hadden geschreven zoude het wel weten toch? Tot een tijd later de vraag opnieuw bij mij op kwam, dit keer door iemand anders. Ik zocht verder, las verder, en praatte verder met andere mensen, want ik wilde de waarheid weten. Op momenten dat ik langzaam maar zeker overtuigd raakte van wat er niet klopte, draaide ik er weer in vast. Ik legde het aan de kant, bang voor wat komen zou, en daar had ik geen zin in.
Een eigen plekje gekregen
Ondertussen was ik al een tijdje op zoek, naar een eigen plekje en was ik hier en daar met wat huisjes bezig geweest. Af en toe ging ik een weekje alleen naar centerparks. Heerlijk even niets om je heen, en lekker je eigen plekje. Ik nam verslagen mee van verschillende mensen en legde ze naast de Bijbel, om zo steeds meer te leren van God en de Bijbel. Niet lang daarna (afgelopen voorjaar) vond ik een super leuk huisje. Bijna te mooi om waar te zijn. Maar God gaf de mogelijkheden en dat maakt dat ik er nu met veel plezier woon.
Pagina 1 / 5 [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] Pagina 2 / 5 De wil om God te volgen
Toen ik een beetje geïnstalleerd was begon het me allemaal te veel te worden. Ik was erg moe, liep met veel dingen vast, en stond te wankelen op het punt van overspannenheid. Ook in die tijd was Eduard er voor me. Hij had veel geduld met mij, heel veel geduld. Mede door hem leerde ik God weer te zoeken. Ik leerde een levende relatie met Hem aan te gaan, door niet alleen bepaalde dingen met Hem te delen, maar mijn hele leven. De wil groeide in mij dat ik Hem wilde volgen en mijn leven aan Hem wou geven. Ik bad met heel mijn hart tot God, dat alles verbroken zou worden wat tussen God en mij in stond.
Een zeer korte tijd later, raakte in contact met een meid. Zij had een soort gelijke leugen met zich mee gedragen als ik, maar had het verbroken door de waarheid te vertellen. Het leek alsof zij ‘zomaar uit het niets’ op mijn weg was geplaatst, maar het was God, die haar op die plek had gezet. Ik wist namelijk diep van binnen heel goed dat deze leugen van mij nog in de weg stond in mijn relatie met God. Want ondanks dat God mij vergeven had, bezette Gods tegenstander nog dat stukje grond van mijn leven. Immers, nog niet iedereen wist de waarheid, waardoor ik telkens nog met die leugen geconfronteerd kon worden. Het was dus nog niet weg. Een aantal mensen had ik de waarheid verteld, maar niet iedereen. Als het aan mij lag zouden ze het ook nooit te weten komen. Het was mijn trots, mijn schaamte en mijn angst, die als leugen over mijn leven heerste. Zo lang ik in deze leugen (trots, angst en schaamte) zou blijven geloven zou ik het niet kunnen. Ik zag het al helemaal voor me, hoe mijn leven door de waarheid vernietigd zou worden!
Als God toen niet de waarheid tegenover die gedachte had gezet, was ik nu nog geen stap verder geweest.
Pagina 2 / 5 [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] Pagina 3 / 5 De leugen door de waarheid verbroken
In die periode had ik het verslag ‘Bezit het land’ nog weer eens gelezen. Hier las ik een stuk over ons ‘grondgebied’ terugwinnen. Dat we niet langer een passieve houding moeten hebben (“Het gebeurt wel op Zijn tijd” of “Als het moet gebeuren, zal het wel gebeuren”). Iets wat ik vaak dacht: “Als ik het moet vertellen zal het wel gebeuren”. Diep van binnen wist ik het wel. In de Bijbel las ik dat de waarheid vrij maakte. Maar dit was zo tegenstrijdig met mijn gevoel. Toch vroeg God mij, de stap te nemen.
Als snel leerde ik vrienden van die meid kennen, en niet veel later kwamen we allemaal samen. Het weekend dat ik daar beleefd heb had ik nog nooit eerder mee gemaakt. Het was er heel gemoedelijk, er werd af en toe wat gezongen met uit de opwekkingsbundel, en er werden hele fijne opbouwende gesprekken gevoerd. Ik praatte met hen over de dingen waar ik mee zat en niet verder kon doordat de leugen nog in de weg stond. De wil was er om te veranderen, ik kón het alleen niet.
Er werd met een aantal mensen voor mij gebeden. Ondanks dat ik dit niet gewend was voelde het heel vertrouwd. Na het gebed, waarin ze God vroegen mij kracht te geven, nu ik de wil had voor Hem te leven en dit te doorbreken, vertelde Suzan mij dat ik in drie dagen tijd wat zou gaan missen. Na 2 dagen dacht ik niet meer echt aan deze woorden, hoe zou zij dat immers moeten weten? Toen ik na de derde dag het ‘ineens’ op mijn hart kreeg om de desbetreffende personen de waarheid te vertellen, herinnerde ik Suzan’s woorden weer. Ik miste iets, namelijk ‘mijn angst’. God had het weggenomen en mij kracht gegeven om naar Zijn wil te handelen.
Het huis door God gereinigd
Ik was vrij, iets wat ik door mijn eigen schuld 10 jaar lang mee had gedragen was van mij afgenomen, en ik kan niet goed beschrijven hoe vrij ik mij geestelijk voelde. Er viel een enorme blokkade weg. Ik mag nu, hoe langer hoe meer God vinden in plaats van alle dingen in het leven wat ik niet helemaal begreep.
Af en toe was ik bang in mijn huis, en had het gevoel dat er constant naar mij werd gekeken, alsof er iets zat dat niet klopte. Tot ik op een avond in de kamer zat en ik een soort van koude wind langs voelde gaan, terwijl ik geen raam open had of niets.. Ik werd angstig want ik kreeg weer dat sterke gevoel dat er gekeken werd. Ik begon hardop te bidden tot God dat alles wat niet in dit huis hoorde en niet van God kwam zou verdwijnen in Jezus' Naam. Toen ik “Jezus' naam” sprak hoorde ik zomaar wat vallen! Toch schrok ik niet. Ik voelde me rustig worden op dat moment. Maar toen ik ging zoeken wat er wat gevallen vond ik het niet. Pas de volgende middag zag ik dat er ‘spontaan’ een bakje van de plank was gevallen.
Ik vertelde het verhaal aan een aantal vrienden, enkelen daarvan hebben de gave deze geesten te herkennen en te zien. Het weekend erna zou Eduard bij mij komen. We hebben samen naar dat weekend toe gebeden dat God bekend zou maken als er dingen niet in orde waren.
En het was niet toevallig dat ik de dag, voordat hij zou komen, te horen kreeg ik dat weekend over moest werken (wat zelden tot nooit voorkomt). Ik belde Eduard dat hij niet kon komen omdat ik moest werken, hoe erg ik er ook van baalde. Hij vertelde mij dat hij zou komen, hoe dan ook, en ging bidden om een wonder dat ik wel vrij zou zijn. Ik lachte erom, en legde hem uit dat dat niet kon, maar hij vertrouwde erop en hing op. Ik vond geen andere oplossing dan overwerken. Tot ik ineens een helder moment kreeg en een collega belde of ze zondags voor mij wou werken. Zodat ik alleen zaterdag morgen weg zou zijn. Dat wou ze wel. Ik belde Eduard direct om het goede nieuws te vertellen, en hij antwoordde: “net lachte je nog om het idee”. Ik besefte me dat ik enorm had getwijfeld aan Gods kracht en waardeerde des te meer het vertrouwen dat Eduard in God had.
Dat weekend verhoorde God ons gebed en opende de ogen van Eduard voor datgene wat hij moest zien in mijn huis. Nadat we zaterdag avond samen hebben gebeden (meerdere mensen met ons), het brood hebben gebroken en de wijn hebben gedronken zijn we vanuit Gods kracht begonnen.
Het begon in mijn slaapkamer, Eduard voelde een blokkade bij de ingang. Het was hardnekkig, maar na een tijd verdwenen ze in de Naam van Jezus Christus. Op dat moment riep hij God aan of Hij Zijn heilig Vuur wou laten neerdalen om de kamer te reinigen. En nadat Eduard het had gebeden rook ik vuur. Ik zei, “ik ruik vuur”. Eduard keek me ongelovig aan en vroeg aan God of hij het ook mocht roken, daarna rook hij het ook. God liet ons merken dat Hij er was met Zijn vuur!
Op die manier gingen we het hele huis langs. Vijf uur lang heeft Eduard in Jezus' Naam door kracht van God mijn huis gereinigd van het kwaad . Vijf uur lang heb ik mogen bidden en hebben we op Gods beloften mogen staan. Ondanks dat mijn keel op een gegeven moment dicht geknepen werd, wij een vreemde ammoniaklucht roken en een poging gedaan werd om Eduard aan te vallen, stonden we sterk in Hem.
Toen God het huis gereinigd had via Eduard, gingen we ‘s morgens slapen. In mijn slaapkamer rook ik een frisse bloemengeur, alsof mijn dekbed pas uit de wasmachine kwam (wat niet het geval was). God was er, en vulde het huis met Zijn Geest. Hem behoort alles toe wat ik heb.
Het ging niet zonder tegenwerking, maar Gods kracht was overweldigend. De nacht was een soort getuigenis van God dat Hij er voor de volle 100% was.
God is goed en groot! Almachtig! Dank U Heer!
Pagina 3 / 5 [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] Pagina 4 / 5 God droeg mij in mijn besluit
Ik was nog steeds met de doop bezig, en op de momenten dat ik langzaam overtuigd werd van wat de Bijbel hier over leert en alles daarom heen, legde ik het aan de kant, bang voor eventuele veranderingen met verstrekkende gevolgen. Nadat het me weer eens enorm verward had, legde ik het aan de kant. Het zou wel kloppen met al die verbonden, welke wel en niet meer golden, wat de betekenis ervan was en wat de formulieren erover schreven.
Hoe ik uiteindelijk tot de beslissing ben gekomen om mij te laten dopen, als zichtbaar teken dat ik mijn leven aan God heb gegeven, kun je hier onder lezen.
Hoe ik tot het besluit van mijn doop kwam
Ik ben het grondiger gaan onderzoeken, ik wilde leren wat God met de doop bedoelt, hoe het toegepast moet worden en wat Zijn wil hierin is.
Hoe meer ik er over nadacht en las, hoe meer ik twijfelde. Ik las de doopformulieren van begin tot eind, en weer terug, legde de verwezen Bijbelpassages ernaast, en liep zo alles door. Hoe meer ik in de Bijbel las, hoe meer mijn, inmiddels vertrouwde, overtuiging begon te wankelen. Conclusies uit de kerkleer kwamen niet overeen met wat de Bijbel schreef. Ik kon ze gewoonweg niet vinden, ook al zocht ik ernaar. Ik zocht naar de achtergrond van deze overtuiging om deze te bevestigen aan de hand van de Bijbel. Ik praatte er veel met medechristenen over en leerde alles te toetsen aan de Bijbel
Al snel raakte ik overtuigd van het feit dat de doop niet door besprenkeling plaats vind maar door dopen / onderdompelen. Het Griekse woord Baptizo, waar de doop een vertaling van is, betekend ook: ‘onderdompelingen’. Daarnaast is dit ook een daadwerkelijk teken van datgene waar het omgaat: ‘Wij zijn dan met Hem ‘begraven’ door de doop in de dood ( Romeinen 6:4).
Begraven = ‘Onder in de aarde bergen’.
Als een stoffelijk overschot wordt begraven gooien we niet een handjevol zand/modder op de dode, maar ‘begraven’ we hem ‘in’ de aarde. Zo is het ook met de doop, dit is een geestelijk begraven. Wij gaan ‘onder’ = begraven, en staan vervolgens op in een nieuw leven met, door en voor Christus, omdat ons leven/wil is gestorven in Hem.
Wat er met besprenkelen gebeurd is dat niet de dopeling wordt gedoopt maar de hand van de doper. Toch bleef ik twijfelen omdat dit alleen te maken had met de uiterlijke kant. Het teken van iets op het geestelijk vlak, als dit het enige zou zijn, en de doop die ik als baby ontvangen had de doop zou zijn die de bijbel beschrijft, had ik mij misschien wel bij deze on-Bijbelse ‘toepassing’ neergelegd.
Ondanks dat mij altijd geleerd was dat de doop in plaats van de besnijdenis was gekomen, kon ik het nooit helemaal rijmen omdat ik het gewoonweg niet kon vinden, alleen de jongetjes zouden dan gedoopt moeten worden. Het verbond dat met Abraham werd gesloten is door Christus’ offer vervuld opdat er geen bloed meer zou vloeien. Hij zegt immers bij het avondmaal: ‘Deze beker is ‘het nieuwe verbond’ in Mijn bloed. Dat, net zoals bij de besnijdenis (zichtbaar teken als nageslacht van Abraham), baby’s vervolgens worden gedoopt is nergens terug te vinden in de Bijbel.
De doop is een opdracht: Voordat Jezus Christus terugkeert naar de hemel verschijnt Hij aan Zijn discipelen en geeft hen een opdracht: ‘Gaat dan heen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb’ ( Matteus 28)
Hier lees je heel duidelijk dat mensen eerst discipel van Hem moeten worden voordat ze gedoopt worden.
Dit komt naar voren in alle passages in de Bijbel waar gesproken wordt over de doop. Ik wil voor de duidelijkheid er een aantal aanhalen. Hieruit zie je de actieve houding van de dopeling. Doop en geloof gaan samen:
| Wie gelooft en zich laat dopen, zal behouden worden, maar wie niet gelooft, zal veroordeeld worden |
Marcus 16:16 |
| Zowel mannen als vrouwen geloofden en lieten zich dopen |
Handelingen 8:12 |
| We worden een kind van God door geloof en de doop |
Galaten 3:26,27 |
| Wanneer men met Christus door de doop begraven wordt, wordt men ook met Hem opgewekt door "het geloof aan de werking Gods" |
Kollossenzen 2:12 |
| "Wat moeten wij doen, mannen broeders?" Petrus antwoordde: "Bekeert u en een ieder van u late zich dopen ..." |
Handelingen 2:38 |
| Op Pinksterdag werden drie duizend mensen gedoopt: "Zij dan, die zijn woord aanvaardden, lieten zich dopen" |
Handelingen 2:41 |
| De gevangenbewaarder "en al de zijnen" werden gedoopt. Hij "verheugde zich, dat hij met zijn gehele huis tot het geloof in God was gekomen" |
Handelingen 16:34 |
| Vele te Korinthe kwamen tot geloof en lieten zich dopen |
Handelingen 18:8 |
Het is jouw leven geven aan God, heel doelbewust. Het afleggen van een ‘oud leven’. Met de zekerheid dat je met Christus gestorven bent voor de wereld. Maar tegelijkertijd ook met Hem opgestaan bent in een nieuw geestelijk leven door en voor Christus.
Ondanks al deze overtuigingen bleef ik mij, toch nog, afvragen of ik me moest laten dopen op de enige manier die de Bijbel ons leert. (God had geduld met mij).
Ik had immers een christelijke opvoeding gehad, en was met Hem groot geworden. Tot het moment dat mijn oog viel op de geschiedenis van het leven van de Here Jezus hier op aarde. Ook Hij was opgevoed met God in Zijn leven (ondanks dat Hij zelf God was). Dat maakte dat ik al mijn twijfel hierin aan God heb gegeven.
Ik wilde wel maar ik was er niet van overtuigd of God het werkelijk van mij vroeg, want ik was gebonden aan menselijke inzettingen. Ik heb God gebeden en gesmeekt of Hij mijn hart zou vervullen met datgene wat Hij van mij vroeg. Aan Hem wilde ik mijn leven geven, aan Hem alleen. Een aantal dagen later was ik ervan overtuigd. Mijn hart stroomde letterlijk over van de wil om gedoopt te worden. Mijn angst was weg. Toen wist ik het zeker, God vroeg het van mij. Een aantal dagen later heb ik mij laten dopen.
Pagina 4 / 5 [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] Pagina 5 / 5 Mijn leven in Christus verborgen
Nu zo’n twee maanden later heb ik nog geen seconde spijt gehad. Het is de juiste weg die de Bijbel beschrijft en God aan mij persoonlijk duidelijk heeft gemaakt. Mijn doop was mijn begrafenis (mijn oude leven was dood, zie Efeziers 21:10). Ook betekende de doop een geestelijke ontbintenis met de leer van de kerk, die de ‘dwaling van deze geloofsdoop’ verwerpt (Art 34 NGB). Hieruit zal de schriftelijk ontbintenis volgen.
Kollossenzen 2:20 en Galaten 5:1 laten mij zien welke vrijheid wij door het geloof in Christus mogen hebben. Wij zijn immers niet meer van de wereld! Maar we leven samen met Hem in een nieuw leven, Hij IS ons leven, uiteraard nog wel op de aarde, maar ontbonden van de aarde.
De regels van Hem zijn regels die je bescherming bieden voor aanvallen van buitenaf, die je leiden op de weg naar het Koninkrijk, die je de weg wijzen door het menselijke en maatschappelijke verkeer, en die in alles Hem zoeken door de ene weg: Jezus Christus. Het is immers een geestelijke strijd. Gods Wil is in ons hart geschreven, nu wij opgestaan zijn met Hem. Daardoor leven we zoals de Bijbel het omschrijft: ‘vanuit de Geest’.
Want alléén daardoor zijn we werkelijk vrij en zijn wij een nieuwe schepping geworden. Niet pas bij zijn terugkomst, maar nu al!
2 Corinthiërs 5:17 schrijft: “Zo is dan wie in Christus is een nieuwe schepping; het oude is voorbijgegaan, zie, het nieuwe is gekomen”.
Van U wil ik getuigen, wat U aan mij heeft gedaan. Ik was verdwaald, maar U heeft mij gezocht, bij U mag ik schuilen, en mij geborgen weten.
U bént het Leven Pagina 5 / 5 [ 1 2 3 4 5 ] [ Vorige | Volgende ] |